sjonkritmeesterjournalist

Ik duid de politiek in Nederland, Europa, VS en M.O.

‘WHAT ARE WE FIGHTING FOR?’

leave a comment »

In elk handboek over de politiek komt het terug, de tegenstelling tussen idealisme en realisme, tussen het hart en de praktijk, tussen goed en kwaad. Een tegenstelling trouwens die welhaast per definitie ontaardt in een onontwarbare kluwen en al zo vaak heeft geleid tot de meest verschrikkelijke rampen.

Misschien is de Verenigde Staten, het schrijnendste voorbeeld. Aanvankelijk zette de jonge Republiek zich af tegen de cynische praktijken van het oude continent waar verstarde feodale dynastieёn en dynastietjes zich lieten leiden door politieke en economische belangen. “Amerika voor de Amerikanen”, declameerde president Monroe al in 1823. De 26ste president, Theodore Roosevelt combineerde dat principe in het begin van de 20ste eeuw met het Amerikaanse belang. Waarop Woodrow Wilson zijn idealistische erfenis deponeerde. De Democraat Wilson bewoonde het Witte Huis van 1913-1921 en ging ervan uit dat Amerika èn bijzonder was, èn een missie had. De VS zou de wereld democratie en vrijheid brengen.

Goed tegen kwaad en een heilig geloof in de democratie en mensenrechten. De Amerikaanse politiek is nog altijd doorspekt van de waarden die teruggrijpen op de Verlichting. Zij heeft in de twintigste eeuw geleid tot een innige verbondenheid. Miljoenen zijn er door geïnspireerd, hebben hun leven gegeven en willen het nog geven. Tegelijk is er geen regime dat zo gehaat wordt als dat van het machtigste land van de wereld. Omdat, betogen de critici, de Amerikanen , louter handelen uit eigenbelang. Omdat ze met de mond idealisme belijden. Maar kijk eens naar de dagelijkse praktijk. Het gaat om macht en geld.

Welvaart, eigenbelang, economische spankracht, opportunisme, zelfbeschikking. Alles speelt zijn rol. Er moet een voorhoede zijn die het heft in handen neemt. Maar dat de Verenigde Staten twee wereldoorlogen beslisten en als onbetwiste aanvoerder van het vrije Westen de Koude Oorlog won, had wel degelijk te maken met de wervingskracht die uitgaat van dat ene woordje, democratie. Nergens zijn dictators dan ook zo bang voor.

Misschien hield de ineenstorting van het Sovjetimperium in 1990/’91 al de crisis in waarmee het Westen anno 2015 zo hevig worstelt. Plotseling was er geen tegenstander meer, geen ideologie waartegen je je kunt afzetten. “What are we fighting for?”, waarschuwden Country Joe and the Fish in de hoogtijdagen van de Vietnamoorlog. Amerika verloor.

President George W. Bush dacht na 11 september 2001 een antwoord te hebben, en begon een oorlog tegen de Terreur. Bij zijn aantreden in 2009 presenteerde president Barack Obama zich min of meer als een idealist. “We can change”. Als realist wilde hij breken met het beleid van zijn voorganger. In de dagelijkse praktijk kiest hij voor ongewisse avonturen. Sluit een akkoord met aartsvijand Iran, laat oude bondgenoten bungelen. Wat de Amerikaanse president vooral uitstraalt, is onzekerheid. De droom van democratie en vrijheid is, om het vriendelijk te zeggen, op de achtergrond geraakt.

Steeds dieper raken de Amerikanen in het moeras, meegesleurd door een vijand die niets van doen heeft met democratie en vrijheid, maar wel bezield is van een heilig geloof. In het kielzog van een schier uitzichtloze oorlog, herpakken intussen de sterke mannen zich. Op wereldniveau spelen de Russische president Poetin en Xi Jinping in China in op de zwaktes van de concurrent, gebruikmakend van de modernste technologie, dromend van machtige rijken, gevuld met mensen die doen wat zij zeggen.

En dan geeft VVD-fractieleider in de Tweede Kamer, Halbe Zijlstra, zijn visie in het wetenschappelijk tijdschrift van de VVD, Liberaal Reveil. De Volkskrant vraagt hem erover. “Nederland”, aldus Zijlstra, “moet stabiele regimes koesteren. Ophouden met het vingertje te wijzen, ook als het gaat om dictaturen. Niet meteen de mensenrechtenkaart trekken. Uitgaan van het veiligheidsbelang”.

De betekenis van de opmerkingen betreft niet zozeer wat de liberaal zegt , maar wat hij niet zegt. Hij heeft het over veiligheidsbelang, waar de lezer al gauw denkt aan zakelijk belang. Liever goede contacten met een dictator. Liever de rust van een stabiel land dan de risico’s als gevolg van economische sancties. Door het verhaal van de VVD-fractieleider heen hoort de lezer de stemmen van de ondernemers. VNO-voorzitter Hans de Boer zal zich er helemaal in kunnen vinden, net als Shell-topman Ben van Beurden.

Zijlstra noemt de Arabische Lente. O jee, het was nota bene zijn partijgenoot en Europarlementariёr Hans van Baalen die, wellicht aangestoken door de Wilsoniaanse missie-leer , vorig jaar op het Majdanplein in Kiev de revolutie predikte, in naam van de democratie. Het zal toch niet zo zijn dat de VVD-fractieleider dat optreden betreurt? Zich misschien het hoofd breekt over de vraag, hoe de zaak terug te draaien? Want wees nou eerlijk, de Oekraїners zouden toch beter af zijn als de Russische pion Janoekovitsj was aangebleven. Kijk, de Krim krijgen ze niet meer terug. Maar de Nederlandse economie zal er wel bij varen.

Advertisements

Written by sjonkritmeester

March 30, 2015 at 1:57 am

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s

%d bloggers like this: